Selecteer een pagina

De eikenprocessierups is de rups van de eikenprocessievlinder. De eikenprocessievlinder is een nachtvlinder die oorspronkelijk alleen in Zuid-Europa voorkomt. Sinds 1991 wordt de soort ook in Nederland aangetroffen. Vanaf 2010 wordt de rups zelfs in heel het land waargenomen. Dus overal waar in Nederland zomereiken staan kan de eikenprocessierups zich vestigen. En de populatie groeit explosief door de warme zomers. De rupsen bevinden zich in zogenaamde nesten. Nesten die meestal worden aangetroffen bij de takaanzet, en ook onderaan de stam kunnen voorkomen. De rups heeft een sterke voorkeur voor solitaire bomen en laanbomen en wordt in bossen minder aangetroffen. Het grote probleem van de processierups zijn de gevaarlijke brandhaartjes. Als de menselijke huid met deze haartjes in contact komt, dan kan dit allergie, huiduitslag, rode ogen of jeuk veroorzaken. Soms zorgt contact met de brandhaartjes zelfs voor braken, duizeligheid of koorts. Hierdoor kan de rups op golfbanen met veel zomereiken voor grote problemen zorgen.

Bestrijden is gezien de huidige omvang van de populatie eigenlijk onbegonnen werk. De oplossing ligt waarschijnlijk in het op de baan opbouwen van een robuust voedselnetwerk. Dat betekent dat er voldoende geschikt biotoop voor predatoren, zoals koolmezen, sluipwespen en sluipvliegen aanwezig moet zijn. Daarbij kan de populatie koolmezen het beste worden gestimuleerd door het ophangen van zo veel mogelijk nestkasten. Een geschikt biotoop voor sluipwespen en sluipvliegen kan worden ontwikkeld door de soortensamenstelling van de natuurrough aan te passen. Wij experimenteren met deze laatste aanpak op dit moment door het inzaaien van bermen met waardplanten voor deze soorten. En dat zou op een golfbaan natuurlijk ook kunnen! Het opbouwen van een voedselnetwerk vraagt echter wel om een lange adem. En als er toch moet worden ingegrepen, bijvoorbeeld omdat het nest zich op een locatie bevindt waar veel mensen komen, dan is het wegzuigen van de nesten de beste oplossing. Dit wegzuigen dient overigens wel door een professionele bestrijder te gebeuren.

Greenkeepers kunnen in het kader van de wettelijk zorgplicht eigenlijk dus niet veel meer doen dan zomereiken, op en rond de baan, waarin zich een nest van processierups bevindt duidelijk markeren. Daarnaast is het verstandig om bij de entree van het clubhuis, maar bijvoorbeeld ook op de website,  een duidelijke waarschuwing te plaatsen. En greenfee spelers of gasten moeten, voor ze de baan in gaan, op de risico’s worden gewezen. En uiteindelijk zit er waarschijnlijk niets anders op dan ballen die onder zomereiken met een nest landen op te pakken en op een veilige plek te droppen….. Een nieuwe local rule….

 

De plaatselijke regel luidt als volgt:
Waar processierupsen op de baan gevaar kunnen opleveren, mag de speler, als de bal niet in een hindernis ligt, die belemmering zonder straf ontwijken volgens regel 16.1. Bij het ontwijken van de belemmering, moet de speler een bal droppen (16.1b en 16.1c) binnen één clublengte van, of plaatsen (16.1d) op, het dichtstbijzijnde punt niet dichter bij de hole, waar de processierupsen geen gevaar opleveren. Bron www.ngf.nl